Belastingplan 2021: dit verandert er voor u!

Een fiscaal nieuw jaar komt dichterbij en daarmee staat ook het belastingjaar 2021 voor de deur. Hiermee verandert ook een aantal zaken op het gebied van de fiscaliteit, zowel voor particulieren als voor ondernemers. Op Prinsjesdag werd hierover een pakket met wetsvoorstellen aangeboden aan de Tweede Kamer, waarmee is ingestemd op 12 november. Ook de Eerste Kamer heeft deze in behandeling genomen. Achter de schermen wordt er dus hard gewerkt aan de fiscale wijzigingen voor het belastingjaar 2021, maar verandert er ook iets voor u persoonlijk? Welke veranderingen kunt u verwachten? In deze blog lichten wij de belangrijkste punten van het Belastingplan 2021 toe.

Coronasteunmaatregelen; TOGS, TVL en zorgbonus

Het kabinet heeft voor ondernemers die financieel onder de coronacrisis hebben geleden, coronasteunmaatregelen getroffen. Zo kwam er voor ondernemers onder voorwaarden de mogelijkheid om aanspraak te maken op de Tegemoetkoming Ondernemers Getroffen Sector Covid-19 (TOGS), die werd opgevolgd door de Regeling Subsidie financiering vaste lasten MKB Covid-19 (TVL). In het Beleidsbesluit noodmaatregelen coronacrisis werd bepaald dat de vergoedingen uit hoofde van de coronasteunmaatregelen niet tot de winst zouden worden gerekend, maar in het Belastingplan 2021 is voorgesteld om wettelijk vast te leggen dat deze tegemoetkomingen daadwerkelijk niet tot de winst behoren. Vanaf 2021 zal dit dus een wettelijk vastgestelde norm zijn. Ook de mogelijkheid tot het geven van een belastingvrije bonus aan zorgprofessionals was één van de coronasteunmaatregelen die het kabinet heeft getroffen. Lees meer over de belastingvrije zorgbonus in onze blog.

Vermindering vrije ruimte

In de Wet op de Loonbelasting bestaat voor werkgevers de mogelijkheid om in het kader van de dienstbetrekking belastingvrij vergoedingen of verstrekkingen te geven aan werknemers. In 2020 heeft het kabinet hier tijdelijk extra ruimte voor gegeven. Het Besluit noodmaatregelen coronacrisis keurde namelijk met terugwerkende kracht goed dat de vrije ruimte tot een totale loonsom van € 400.000 over 2020 3% zou bedragen, terwijl dit oorspronkelijk 1,7% bedroeg. De 1,2% die mocht worden berekend over de totale loonsom boven de € 400.000, bleef wel gelijk. In 2021 wordt de (tijdelijke) verhoging van 1,7% naar 3% echter weer teruggedraaid. Bovendien wordt de berekening voor de vrije ruimte over de totale loonsom boven de € 400.000, verminderd. In plaats van 1,2%, zal deze in 2021 nog 1,18% bedragen.

Hogere vrijstelling in box 3

Per 1 januari 2021 wordt bovendien de vermogensrendementsheffing aangepast. In dit kader is namelijk voorgesteld (en door de Tweede Kamer aangenomen) om het heffingsvrije vermogen te verhogen. In 2020 bedroeg het heffingsvrije vermogen voor iemand zonder fiscale partner €30.486 (met partner: € 61.692). Dit wordt in 2021 verhoogd naar € 50.000 per persoon. Wanneer u een fiscaal partner heeft, wordt er over de eerste € 100.000 van uw vermogen dus geen fictief rendement berekend. De belastingdruk bij hogere vermogens stijgt echter wel in 2021. Zo moet u over een vermogen van meer dan € 1.000.000 1,76% inkomstenbelasting afdragen, terwijl dit in 2020 vanaf een vermogen van € 1.005.572 nog 1,58% was.

Vrijstelling overdrachtsbelasting

Een erg spraakmakend onderwerp van het pakket Belastingplan 2021 is het wetsvoorstel Wet differentiatie overdrachtsbelasting. Voor starters op de woningmarkt gaat per 1 januari 2021 een vrijstelling gelden voor de overdrachtsbelasting bij de aanschaf van een woning voor woningkopers tussen de 18 en 35 jaar. Het hoeft hierbij niet te gaan om de aankoop van een eerste woning. Alle woningkopers tussen 18-35 jaar kunnen een beroep op de vrijstelling doen. Vanaf 1 april 2021 wordt wel een plafond gesteld aan de vrijstelling: deze mag u vanaf dan alleen nog toepassen op woningen met een prijs lager dan €400.000. Is de prijs van de woning die u gaat kopen hoger dan € 400.000, dan moet u over het gehele aankoopbedrag 2% overdrachtsbelasting betalen. Voor kopers die buiten de aangegeven leeftijdsgroep vallen, wordt het overdrachtsbelastingtarief vastgesteld op 2%. De overdrachtsbelasting voor niet-woningen gaat iets omhoog; voor bedrijfsonroerendgoed moet u vanaf 2021 8% overdrachtsbelasting afdragen aan de Belastingdienst. Het tarief van 8% geldt ook voor een woning die een koper niet bewoont (belegger).

Inkomensafhankelijke combinatiekorting

In maart dit jaar heeft de Hoge Raad in een arrest bepaald dat beide ouders van de IACK gebruik kunnen maken bij sprake van co-ouderschap, als de zorg voor het gezamenlijke kind in een duurzaam ritme gelijkelijk wordt verdeeld. Voorheen gold als voorwaarde voor de IACK dat het kind in ieder geval drie of meer gehele dagen verzorgd moest worden. Door de uitspraak van de Hoge Raad geldt dit niet meer. Het is ook mogelijk dat er een omgangsregeling wordt gehanteerd volgens bijvoorbeeld een tweewekelijks schema, waarvan sprake was in de situatie die zich voordeed in het arrest van de Hoge Raad. Gevolg hiervan is wel dat, door de budgettaire derving naar aanleiding van dit arrest, de IACK in 2021 wordt verlaagd met €113,-. In 2022 vindt er echter weer gedeeltelijke verhoging plaats. De maximale IACK wordt dan namelijk weer verhoogd met €77,-.

Zijn er vragen bij u opgekomen naar aanleiding van deze punten, wilt u meer weten over het Belastingplan 2021 of zijn er andere zaken die u graag met ons zou willen bespreken? Neemt u dan gerust contact met ons op.

Lees meer